Kijk uit: Facebook kijkt mee

Ik had een tijdje geleden een gesprek met een journalist van een populaire Vlaamse krant, en die man feliciteerde mij zowaar met mijn Facebookloze bestaan (dat moet meteen zowat de eerste felicitatie zijn die ik daaromtrent ooit heb ontvangen): “Gij hebt gene Facebook? Da’s een goei begin, da’s super! Ge hebt gelijk da ge het niet doet”. Waar hij met zijn lovende woorden op doelde – en wat eerlijk gezegd nooit de reden geweest is van mijn weigering een facebooker te worden – was het totale ongewisse waarin de facebookgeneratie leeft over hoeveel persoonlijke informatie ze op de sociale netwerksites te grabbel gooien: “Mensen staan daar echt niet bij stil he!”. Hij zou een interessant gesprek kunnen voeren met de socioloog Ben Caudron, die onlangs een gastcollege kwam geven over zijn recentste publicatie Niet leuk? Mijmeringen over nieuwe media, mensen en macht. In deze essaybundel kunnen we lezen: “Wij moeten kiezen of we een samenleving willen waarin technologie ons nog meer tot knecht herleidt; of een samenleving waarin het goed leven is met en dankzij technologie”. Recensent Claude Nijs vat samen: “Het is een keuze die we niet lang kunnen uitstellen. De ons omringende technologie mag dan wel in toenemende mate leuk lijken, ze kan ook geen spaander heel laten van onze private levens en ze kan zelf morele grenzen stellen”.

Is het echt zo dat nieuwe media als Facebook ons beheersen als meesters hun knecht? En in welke mate gaat Facebook onethisch om met de privacy van zijn (meer dan een miljard) leden?

Facebook als commercieel product

Facebook brengt plezier. Facebook brengt sociaal contact. Facebook verbindt de mensen. Allemaal heel mooi, maar – om het met de woorden van Peter Desmyttere te zeggen – achter Facebook “zit een uitgekiend businessmodel. Een model waarbij met de grenzen van onze privacy gespeeld wordt”. En flirten met de grens betekent dat deze al eens overschreden wordt, zo leren ons de vele klachten voor schending van de privacy die lopen tegen Zuckerbergs sociale netwerksite (zie vb. dit krantenartikel). Ook Ben Caudron wijst op het commerciële aspect van de sociale media: “Facebook, Twitter en Google zijn mediabedrijven die er alle belang bij hebben om zo veel mogelijk van onze data te verkrijgen. Wij, de gebruikers, zijn het vlees in de etalage.” Facebook verdient namelijk geld door advertenties. Hoe meer de adverteerders over de gebruiker weten, hoe specifieker ze hem/haar kunnen bestoken met reclame. Hoewel een experiment heeft uitgewezen dat de doorsnee jongere enige vorm van gepersonaliseerde reclame wel weten te waarderen, vind ik dit vooral beangstigend.

Hoe komt Facebook aan deze vertrouwelijke informatie? Die geeft de gebruiker hem helemaal zelf, zij het vaak onbewust. Een van de grote kritiekpunten die Ben Caudron uit op de sociale media is niet het feit dat ze geld verdienen aan private informatie van de gebruikers, maar het feit dat ze er niet eerlijk over communiceren. Zo is een standaardinstelling van Facebook dat alles met iedereen gedeeld wordt. Het is de gebruiker zelf die dit – indien gewenst – naar ‘alleen met vrienden delen’ moet omzetten. “Het zou Facebook sieren als het dat verandert, maar vanuit commercieel oogpunt is Facebook er niet bij gebaat dat te doen”.  

Facebook zou respect moeten tonen voor de privacy, maar heeft daar geen enkel commercieel belang bij. Zeker niet zolang de gebruikers niet aantoonbaar afhaken omwille van dat privacybeleid. En daar hoeft Zuckerberg niet voor te vrezen.”, aldus Ben Caudron. Schrik gekregen? Voel je je bekeken? Op deze website vind je 10 tips om je privacy-instellingen te verstrengen (vb. haal jezelf uit de Google-resultaten).

Facebook en democratie

Als we terugkijken naar de woorden van recensent Claude Nijs, dan vraagt het tweede deel van diens citaat nog wat uitleg, nl. ‘ze kan zelfs morele grenzen stellen’. Facebook censureert (jawel, alle blogthema’s keren wel eens terug) de gebeurtenissen op basis van “onduidelijke, typisch Amerikaanse en erg puriteinse regels”. Een grappig testje van de Facebook-pagina ‘Theories of the deep understanding of things” haalde onlangs de pers: een foto van een vrouw met haar ellebogen op de rand van het bad werd gepost … en weer verwijderd door Facebook (de beheerders dachten namelijk dat het om een blote boezem ging). Of hoe Facebook nogal extreem kan gaan in het censureren van zijn gebruikers. Ben Caudron bekritiseert deze acties: “Het is democratisch niet gezond dat Facebook content filtert op basis van geprivatiseerde normen en waarden” en “Moet alles kunnen? Neen. Maar wie bepaalt wat kan en wat niet kan? Mijn standpunt is dat dat op een lokaal niveau moeten gebeuren. Waar halen die puriteinse Amerikanen het lef vandaan om in onze plaats te beslissen wat wij mogen zien?”.

Ook andere sociale media moeten met de vinger gewezen worden, zoals Twitter (ajaj, daar ben ik sinds kort wel lid van) en Google (oej, en ik gaf al toe dat ik een fervent googler ben). Stuk voor stuk enorm populair. En het ziet er niet naar uit dat de sociale media binnen afzienbare tijd aan populariteit zullen moeten inboeten. Wat de jeugd (en misschien zelf jong én oud) nodig heeft, is mediatraining: leren verantwoord omgaan met het digitale verkeer, zo stelt Ben Caudron. En laat dat nu juist zijn waar de journalist van die populaire Vlaamse krant waar ik een tijdje geleden mee sprak ook voor pleitte.

Ik wacht nog even met het aanmaken van een Facebookprofiel, want toegegeven: ik kan zo’n lesje internetprivacy wel gebruiken…

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: